Op dit moment voeren wij actie voor het behoud van Kleiburg. Meer nieuws onder de knop BEHOUDT KLEIBURG en de facebook-site Wonen in een Museum. Ook nieuw, vanaf 4 augustus 2011: Daalwijk, onder menu Actueel
Meer nieuws over het Museum vindt u onder menu Bijlmer Museum, en om er in te komen, bekijk dit filmpje. Deze mag ook.



 
OH, BIJLMERMEER VERGUISD & GEKWETST, IK VOND ER SLECHTS GELUK EN JOUFoto's uit de oude Bijlmer: gestructureerd door brede verkeersdreven, die woongebieden van 800 x 800 meter om-zoomden, waarin de gebouwen in een parkachtige omgeving waren geplaatst. Aan de dreven de garages, die middels een loopbrug met de binnenstraat van de gebouwen waren verbonden. Op de 1ste foto ziet u de Bijlmerdreef, met links garage Grunder/Grubbehoeve en de flats Groeneveen plus Gooioord, rechts ziet u Gouden Leeuw, Gliphoeve, Gerenstein en Geinwijk. Over de dreef loopt de metrobaan Ganzenhoef-Kraaiennest. Onder dreven, verkeersplatforms en garages werden de bedrijven, winkels en andere voorzieningen in subcentra geplaatst. Veel gebieden bleven evenwel onbebouwd en dat leverde betonwoestijnen op (foto 2). En natuurlijk probeerden automobilisten altijd weer met de auto door het park te rijden, zodat de boodschappen naar de lift konden worden gebracht. In de EG-buurt voerde opbouwwerker Toon Borst daartegen actie (foto 3). Tot slot een foto van de FD-buurt en van het kunstwerk op het verkeersplatform bij Groeneveen, dat bij de sloop van dat platform spoorloos verdween.
sloop ED buurtOok Jan des Bouvries verdwijnt in de betonmolen De Bijlmersloop vordert gestaag, maar langzaam aan, want de poen is op. Nieuwbouwplannen liggen stil. Aan de Daalwijkdreef liggen de D- en E-flats. De dreef werd ooit door stedebouwkundige Ashok Bhalotra uitgeroepen tot de kade van de Bijlmer. Hij bedoelde dat natuurlijk in overdrachtelijke zin. Bij Bhalotra staat immers de metafoor voorop. Er moest dus bedrijvigheid komen zoals in de (oude) haven. Bhalotra werd echter naar huis gestuurd, hoewel eerst zo warm omarmd door stadsdeelvoorzitter Ronald Janssen en de NA-directeur Rene Grotendorst. Hij zou de nieuwe Bijlmer aan elkaar knopen, maar er kwam geen straat der 1000 culturen (een soort slingerpad, dat west met oost moest verbinden en ruimte zou geven aan bedrijfjes en ambachten), geen plein der continenten, geen meanderende waters, geen gated community in een onder water gezet Bijlmerpark en dus geen kade. De kade wordt afgebroken, zelfs de poten van de eerste flats, die men liet staan na sloop van de rest van de gebouwen en die bedacht waren als huisvesting voor jongeren, studenten, hotels etc. Rochdale, de eigenaar, ziet er geen markt voor. En zo blijven alleen Echtenstein over, huisvesting voor daklozen en kunstenaars, en de twee poten van Daalwijk: studentenwoningen, sociale huur, en in de plint bedrijfjes + kinderopvang. Eeftink, Egeldonk, Dennenrode en Develstein verdwijnen in het geheel. Ze worden door een grote machine weggekrabd, appartement voor appartement, strang voor strang. Ook de garages zullen verdwijnen, waar zich ooit vele bedrijven vestigden, zoals de bar van de marron-organisatie Sipaliwin, hoewel ze natuurlijk uitstekend dienst zouden kunnen doen als de 'groentenschuren' van de Bijlmer. Met voldoende ledlampen kan je de hele Bijlmer en meer elke dag van groenten kan voorzien, zoals experimenten uitwijzen. En zonder led heb je prachtige, donkere ruimten voor champignons en witlof, een oud idee van Paul Bos. Het wordt allemaal vervangen door de nieuwe ideologie van straatjes, autootje voor de deur, en eigen tuintjes, afgeschermd met hoge, houten muren. En zo verdwijnt ook het ontwerp van Jan des Bouvrie, die in de jaren '80 de eervolle opdracht kreeg om de E-flats op te leuken met sfeervolle in- en uitgangen. Zie de foto met de glazen baksteen. Op de foto's ook nog het huidige Daalwijk, zie hoe fantastisch het er eigenlijk bijstaat; een onderdeel van Daalwijk met de oude ingang via een heuveltje, nu vervangen door een ijzeren trap, voor de huidige bewoners. In de eerste poot zullen ze vervangen worden door studenten. Die poot krijgt ook een geheel nieuw aanzien. De betonnen panelen met schietgaten, die nu de balkons en galerijen vormen, worden vervangen door glas. Dat is vriendelijker zegt men. 
 
|
Schaap met vijf potenEen van de populairste tv-programma's in de jaren '60 was de volks-soap ' Het schaap met de vijf poten'. In de serie werden veel liedjes gezonden. En een daarvan ging over de Bijlmer. Luister en kijk: Bijlmerlied
De mislukte Bijlmerdreefovergenomen van de weblog 'MetroindeBijlmer', januari 2010
In alle verkiezings-programma's komt de vernieuwing van de Bijlmerdreef nauwelijks aan de orde. Die is blijkbaar geslaagd. En ook in het politieke debat van de afgelopen jaren werd, zover wij weten, nooit gevraagd om een grondige evaluatie van wat die vernieuwingsplannen ons precies gebracht heeft, behalve een architectuurprijs en vogelaar-wijken. Maar als je door de West Kruiskade van Rotterdam loopt, of door de Utrechtsestraat in Amsterdam, of de Haarlemmerstraat/dijk, of het Van der Helstplein en omgeving, dan weet je dat met ontwikkeling van de Bijlmerdreef een grote kans gemist is. De dreef is nu niet veel meer dan een krakkemikkige verbinding tussen twee winkelcentra met een zeer beperkt assortiment. Je mist er bijna alles wat genoemde routes zo leuk maakt: de vele, diverse restaurants en groenten-winkels, de boetiekwinkels, de galeries, de speciaal-zaken, de fiets- en skeelerwinkel met schaatsen enz. De Bijlmerdreef is de wereld van nassi, bami, surinaamse broodjes, overdekte hangplekken, kappers, haarstukken, goedkope schoenen, spijkerbroeken en nog meer armoedecultuur. Daar is op zich niks mee, maar als je van de Bijlmer een 'grootstedelijk gebied' wil maken, de immer beleden droom van de vernieuwers, dan mag je meer verwachten. Hier wreekt zich het uitgangspunt van de vernieuwing: we bedenken per gebiedje een leuk plannetje en vragen eerst de markt wat die ervan vindt. Later proberen we de boel weer aan elkaar te knopen. Er werd dus niet gewerkt aan een concept voor de Bijlmerdreef, zoals in de jaren '80 toen Koolhaas en DRO, in afgezwakte vorm, voorstelden de dreef om te bouwen tot zoiets als Bijlmer Arena nu is, maar dan nog stedelijker, met: drive-in autobedrijven, autowas-bedrijven, Villa Bijlmerdreef, andere megastores, Pathe Gooiseweg, kantore n, restaurants, en cafeetjes. Dit plan behoefde een halfhoge weg, zodat je met de auto zo naar binnen kon. De vernieuwing had er niks mee. De Bijlmer moest gezellig worden, dus dreef omlaag, de Bijlmer verdiende een menselijke maat, dus fijne woonbuurtjes aan de dreef. Een Gulden Kruis, een nieuw Geinwijk, een nieuw Gerenstein, Vogeltjeswei en waar de dreef hoog moest blijven: blokken appartementen, twee woontorens en kantoren zoals dat van het Stadsdeel. En als het kon, stopte je ergens een winkel in, een kantoor of een dansstudio. Maar het is dus niks die Bijlmerdreef. In het oosten begin je rechts met een blokje woningen van nieuw Grunder, dan een sloot, dan een enorm gebouw, dat zich niet aan de Bijlmerdreef opent, en links heb je wat groene taluds zonder deugdelijk voetpad. En verder ga je, via rotondes, die de dreef hinderlijk doorbreken, langs een winkelrijtje zonder uitstraling, langs degelijke gevels, en nooit is er een doorgaande fiets- en wandelroute, helemaal geen fietsroute zelfs. Lopend moet je bijvoorbeeld bij Ganzenhoef omhoog, weer omlaag, en bij de Gooiseweg zit je vast, net zoals aan de overkant. Daar moet je via Vogeltjeswei ofwel om, of via een brug zonder voetpad verder naar het trottoir naast het Stadsdeelkantoor, dat zich aan die kant volledig van het straatgebeuren heeft afgeschermd. De Bijlmerdreef had zonder route en ruimte doorbrekende rotondes gemoeten en vanaf de Gooiseweg geen afslagen naar de dreef. Misschien had men die weg wel moeten omleggen, zoals Bhalotra ooit voorstelde en meteen werd uitgelachen. Desondanks: weg met dat viaduct. Men had moeten investeren in een prachtige, doorgaande winkelpromenade. En het Stadsdeel had een ontwikkelingsmaatschappij moeten oprichten, zoals Amsterdam ooit deed voor de Haarlemmerstraat, de Zeedijk en laatstelijk voor de Wallen, die zorgde voor goedkope panden, zodat er ruimte kwam voor velerlei speciaalzaken en horeca-gelegenheden. Een kleine, leuke handel begint tenslotte met een lage huur, zoals geheel Amsterdam bewijst. Hoge winkelhuren zoals op de Poort genereren alleen Kalverstraat-winkels. En zo'n dreef had er ook voor gezorgd, dat het Anton de Komplein niet een armoedig sluitstuk is van de Poort, maar een volwaardige entree vanuit de Bijlmer, zoals overigens ooit de bedoeling was. En heel misschien had men de oude Bijlmer gewoon zijn gang moeten laten gaan, met waar nodig stevige controle en kleine ingrepen, want zonder groei van binnenuit, en zonder goedkope panden, die ontstaan als iets geen functie meer heeft, blijf je overgeleverd aan plannen, die elke ontwikkeling afbreken. Ze beginnen simpelweg met iets nieuws, waar de nieuwe ideologie en de markt in gelooft.
|